Skip to content

100

1 juli 2013

Dit is mijn 100e blog. En deze moet bijzonder zijn.

En dat gaat niet. Geen titel, geen onderwerp is goed genoeg om de 100e te mogen worden.

Dus: Dit is een blog wat geen blog is.

Ik heb zin in blog nummero honderdeneen.

Het voelt als een verjaardag. Een viering. Een mijlpaal. Die ik in mijn eentje vier, niemand telt de blogs. En dat geeft niet; ik vind het leuker als ze gelezen worden. Honderd blogs met een gemiddelde woordlengte van 280, maakt 28.000 woorden.

Déze blog-die-geen-blog-is, houd ik kort. Slechts honderd woorden. Naar de honderd, komt ie:

Ho

Hond

Honderd!

Liefs,

Ghost

26 juni 2013

Ik zit bij buurman.

“Hoe gaat het met de liefde” vraagt buurman, terwijl hij mijn wittewijnglas bijschenkt.

Ik verslik mij haast in het delicate hapje wat ik zojuist uit het hyperstrakke bakje heb geplukt van zijn kookeiland.

“Neuh, ik heb nu echt niks, niks, zelfs mijn telefoon is leeg, daarom heb ik tijd voor jou”, grap ik er nog snel aan toe.

Bijna 43, geen liefde, geen sms, niks potentieels, zelfs geen date waarvan je nu al weet dat het niks is.

“En jij?” Eigenlijk ben ik helemaal niet nieuwsgierig.

“Ach, ik heb zo af en toe last van ghosts from the past”.

“Huh?”

Je kent het wel, vrouwen die opeens opbellen, sms’en en terloops zeggen dat de man die mijn plaats innam, het toch niet helemaal was”.

Vanaf dat kookeiland-moment heb ik de populistische term: ‘Ghosts from the past’, overgenomen.

Geweldig bekkend, stoer en ladingdekkend.

Natúúrlijk heb ik óók last van spoken.

Mr V van lang gelee feliciteert mij per mail met mijn verjaardag. Jonge Godin, begint hij zijn vleierige mail. Het werkt: Deze spook weet een humoristische mail te schrijven. Hij stelt een reünie voor. Een reünie alleen voor ons twee en hij belooft dat hij daarna geen zingend gitaarspel naar mij appt, maar oprecht wil weten hoe het met mij gaat.

We vertellen elkaar dan verhalen, verhalen van de afgelopen twee jaar.

Spookverhalen.

Carpool

31 maart 2013

Ben er al, sta aan het begin, sms ik.

De ramen zijn dicht, buiten is het koud. De radio staat aan. Het is goede vrijdag. Ik lees de krant, ik moet zeker nog een kwartier wachten.

Een oude man tikt tegen  mijn raam. Ik kijk op en open de portier.

‘Weet u waar Haarzuilens ligt?’

‘Geen idee, ik heb een tomtom, ik kan wel voor u kijken.’ Ik stap al uit de auto.

‘Ik heb ook een tomtom, maar ik hoor het niet, het geluid staat te zacht of ik ben te doof.’

‘Zal ik het geluid voor u aanzetten?’

Ik nestel me in de kleine auto, naast een allerliefst oud dametje met een roze trui en passend sjaaltje. Ze kijkt heel vriendelijk.

‘Kijk, we hebben dezelfde! Hier kunt u het geluid harder zetten.’

‘Doe maar op allerhardst’, zegt de man.

Ik kijk de dame aan in de roze trui. ‘Zo hard? Daar wordt u toch gek van?’

‘Nee, ze wordt er gek van als we er niet komen, en ik word er gek van als ze niet oplet.’

Ik zet het geluid op volle sterkte.

Ik stap uit de auto.

‘Weet u ook waar dat kasteel staat?’ vraagt de man.

‘Huh?’

‘Ik weet het adres niet.’

Deze mensen plakken een tomtom aan het raam en hebben geen idee hoe het werkt.

Google vertelt dat dit kasteel te vinden is op de Kasteellaan.

Een tweede keer wurm ik mij in de kleine auto en tik het sprookjes-adres in.

Ik stap uit, de man stapt in en start de motor.  Hij draait het raampje open en in koor hoor ik ‘Dankjewel!!!’ Plotseling gooit hij een envelop naar buiten en weg rijden ze.

Ik sta paf. Raap de envelop op en wuif hen na. In mijn auto staar ik naar de inhoud van de envelop. Het lijkt wel een sprookje.

Een rode auto rijdt de carpool op. Mijn collega. Back to life.

Carnavallen-beneden-de-rivieren

25 februari 2013

Xandra belt: ‘Zin om te carnavallen beneden de rivieren?’

‘Nog nooit gedaan.’

‘Mooi, gaan we samen! Voor ik sterf wil ik wel het een en ander gedaan hebben’.

Xandra en ik zitten in onze midlife en het is fijn om daar aan toe te geven. Telefonisch maken we de balans op wat we gedaan hebben (heel veel) en nog willen doen (ook heel veel).

Uiteraard stem ik in. ‘Vind ik ook, dit moet je gedaan hebben’. Al pratend met mijn hoorn geklemd, graai ik naar mijn bucketlist ergens onder een stapel achter in de kast. Carnaval vieren.. het staat er niet op. Snel schrijf ik het er bij.

Online bestel ik een strak pak, compleet voorzien van pet, handboeien en een knuppel.

In het café is het overvol. Wij schreeuwen met de muziek mee. En drinken bier uit platic. We genieten van de aandacht. Rennen door extreme kou van het ene café naar het nóg leukere met nóg ‘betere’ muziek. Al binnen een kwartier ben ik allang geen beginner op carnavalsgebied. Carnaval is goed te vergelijken met uitgaan in de foute tenten op het Leidseplein. Met hét verschil dat ik in Lampegat géén last heb van sloeriegedrag: Ik val niet op mannen in berenpakjes.

Thuis schop ik mijn vieze en naar bierruikende laarzen uit en onderuitgezakt op de bank pak ik mijn bucketlist en zet ik een vinkje: Carnavallen-beneden-de-rivieren: Yes I did!

Ware liefde

24 februari 2013

We appen wat heen-en weer, Barry en ik. Het is al een tijdje over maar we hebben nog leuk huis-tuin-en-keuken-contact. Ik surf wat rond op mijn laptop. Ik lees hoe Barry onze geschiedenis ervaart. Een kopje koffie binnen handbereik. Een weggegooid en ook zo waardevolle ochtend. Op tafel ligt de krant opengeslagen, de radio staat aan. Verschillende soorten media geven mij en krijgen mijn aandacht.

In de statistieken van singleanna zie ik dat een van mijn volgers ‘wareliefdevinden.nl’ is. Scrollend naar mijn ware liefde zie ik dat singlewillem én singleanna worden aanbevolen aan de bezoekers. Helaas in die volgorde, toch voel ik me gevleid.

Ik sta op ware liefde… als dít geen toekomstmuziek is…

Zou Willem dit weten?

Ik grijp naar mijn mobiel en vertel hem mijn vondst. Natuurlijk vraag ik ook naar de stand van zaken van zijn wareliefdesleven.

‘Hoe gaat t nu met je? Is het nog wat geworden met die jongedame?’

‘Ja, ze zit hier tegenover mij.’

In gedachten zie ik twee mensen lekker verliefd aan een eitje en een expresso.

Hij heeft inmiddels wéér zijn ‘ware liefde’ gevonden.

Opeens zie ik het licht, begrijp waarom ik nog steeds niet vind wat ik zoek. Het komt door de taal! ‘Ware’ is met een beetje fantasie een verledentijdsvorm voor ‘zijn’ we verwarren het met ‘waar’ in de betekenis van ‘echt’. Dit verklaart dat alle ware liefdes uiteindelijk ware exen worden.

Het is over met de ware liefde!

Consequentie

3 februari 2013

‘Ik zie ons niet samen oud worden.’

We zitten aan het ontbijt. We hebben een eerlijk gesprek. Hiermee is de conclusie getrokken. De consequentie blijft echter uit.

Als geliefden lopen we samen naar de tram. Barry stapt in, ik zwaai hem uit.

Het is gezellig. Het is fijn. We zijn verschillend. We zijn té verschillend en daarbij zitten we beiden in een heel andere fase. Al mijmerend wandel ik door mijn wijk, ik stap een winkel binnen en hang een fantastisch jurkje weer terug in het rek. Ik ben niet in de stemming.

Een app Barry Heb nu al zin in donderdag.

Ik ook.

En toch.. we zien ons niet samen oud worden. Wat doen we dan met elkaar? Waarom niet gewoon vrienden worden? De magie is weg. Het wordt niks, dat is gezegd, ondertussen genieten van wat er niet is.

Ik app mijn hersenspinsel.

Ik overlees mijn zojuist verstuurde app die opeens belachelijk zakelijk lijkt. Snel bel ik Barry op.

‘Wat doen we met elkaar eigenlijk? Ik vind het niet meer waardevol.’

Barry is het met me eens. de conclusie was al getrokken, en nu pas volgt de consequentie: Het is over.

‘Ik zie je toch wel na de sport?’

‘Of course, we drinken een drankje. Na afloop ga ik oost en jij west.’

Er verandert niet zo heel veel.

Gambia

9 januari 2013

‘Wil je mij dat artikel per mail sturen? Ik ga op vakantie en dan heb ik tijd om alle stukken te lezen.’

‘Waar ga je heen?’

‘Gambia.’

Het gesprek stokt.

Opeens duikt overal het woord ‘sekstoerisme’ op door vrouwen op rijpere leeftijd. De film ‘Paradies: Liebe’ vertelt een vakantie van een Oostenrijkse in Kenya die flink van bil wilt. Eerst onwennig maar al gauw onderhandelt ze over prijs en kwaliteit en verhoudingen. Volgend jaar gaat ze vast weer.

Goedele Liekens zit aan tafel bij Pauw en Witteman. Volgens haar is er sprake van een win-win-situatie. De vrouwen krijgen aandacht die zij in NL niet krijgen en de mannen verdienen een centje bij. Volwassen mannen die, naar ik hoop, achter hun eigen beroepskeuze staan.

Gambia. Ik ben er nog nooit geweest. Een land op slechts zes vlieguren. Garantie op dertig graden en slechts één uur tijdverschil.

Gambia, ik associeer het met een week lang zon, zee en zwembad en flink verwend worden door de obers. De obers die mij een koel glas wijn brengen en dan weer wegwandelen naar de bar terwijl ik in de zon onder de parasol uit de zon zit.

Ik bel mijn moeder. ‘Kijk je ook Pauw?’

‘Ja, meid het is toch verschrikkelijk!’ Ze giert haast door de telefoon. ‘O o ik durf niemand te vertellen dat we naar Afrika gaan.’

Samen lachen we om de mysterieuze onderdelen waarover mannelijke Gambianen waarschijnlijk beschikken.

Ik ga op vakantie om vakantie te nemen. Vakantie van mijn werk, vakantie van mijn huishouden, vakantie van boodschappen, vakantie van opvoeden én vakantie van seks.

Op een strandbed wacht ik heel passief tot de zon mij helemaal heeft opgeladen. En dan, eenmaal thuis, lees ik de artikelen, poets ik mijn huis, voedt David, vul de koelkast en bel Barry.

%d bloggers liken dit: